Gek feitje: Hoewel veel mensen denken dat Tibet een zelfstandig land is, wordt Tibet wordt nergens ter wereld erkend als zelfstandig land. Ondanks dat gegeven heeft ook Tibet sinds 2003 een nationaal voetbalelftal. De grote initiator van het Tibetaanse voetbalelftal is opvallend genoeg geen Tibetaan, maar een student uit Denemarken.

Het was slechts een klein nieuwsberichtje in de Nederlandse media in november 2017: ‘Elftal China Onder-20 loopt veld af vanwege Tibetaanse vlaggen.’ Veel aandacht werd er niet aan besteed. China Onder-20 is immers, sportief gezien, niet al te nieuwswaardig.

Het voorval vond plaats in een oefenwedstrijd in Duitsland tussen China Onder-20 en het Duitse TSV Schott Mainz, een club uitkomend in de Regionalliga Südwest (het vierde niveau). Deze competitie bestond dat seizoen uit negentien teams en dus was er elke ronde één club zonder wedstrijdverplichtingen. De voetbalbonden van Duitsland en China kwamen daardoor op het lumineuze idee om China Onder-20 als sparringpartner te laten fungeren tegen de Duitse opponent zonder competitieverplichtingen. De Chinese bond betaalde daarvoor een riant bedrag aan de Duitse bond: 15.000 euro per oefenwedstrijd. De reden voor China was om zo hun team onder grotere weerstand te leren voetballen, zodat het team op de Olympische Spelen van 2020 een gooi naar de titel zou kunnen doen.

Protest van zes toeschouwers

De wedstrijd tegen Schott Mainz ging uiteindelijk door, maar niet voordat de Tibetaanse vlaggen verwijderd waren. Toen pas was het Chinese team weer bereid om te spelen. Om een massaal protest ging het overigens niet: welgeteld zes toeschouwers (vier Tibetanen, twee Duitsers) toonden enkele vlaggen.

Hoe klein het nieuwsbericht in de Nederlandse media ook was: Het gaf wel aan hoe gevoelig de situatie rondom Tibet nog steeds lag (en ligt), sinds de hernieuwde Chinese inmenging in Tibet vanaf 1950. Niet alleen bij de Tibetanen, maar ook bij de Chinezen.

Het incident kreeg na de wedstrijd nog een staartje. Het Chinese ministerie van Buitenlandse zaken riep op tot wederzijds respect en keurde de anti-Chinese, separatistische en terroristische acties af. Na de Chinese verontwaardiging over de vlaggen liet Reinhard Grindel, voorzitter van de Duitse voetbalbond op zijn beurt weten, dat ‘wanneer je in Duitsland speelt, je ook moet kunnen omgaan met het feit dat iedereen zijn of haar mening kan uiten.’ Beide voetbalbonden beschuldigden elkaar vervolgens van het mengen van sport met politiek. Het project werd vervolgens voor onbepaalde tijd uitgesteld ‘in verband met een herevaluatie’. Een maand later werd er door het project een streep gezet, nadat drie Duitse clubs inmiddels al hadden aangegeven niet meer tegen het Chinese team te willen spelen.

Bezetting of bevrijding

Het voorval zegt niet zozeer iets over het Chinese voetbal, maar wel alles over de situatie in Tibet. En voetbal is ook niet direct de eerste associatie die je legt bij het horen van de naam. Noem Tibet en de gesprekken gaan over de bezetting door China. Of bevrijding, afhankelijk wiens standpunt je kiest. De status van Tibet lijkt al tientallen jaren een delicate kwestie. De cijfers tonen echter iets anders aan: Geen enkel land ter wereld erkent Tibet als zelfstandige natie. Feit is wel dat, sinds de hernieuwde inmenging van China in Tibet, tienduizenden Tibetanen zijn gevlucht naar buurlanden, met name India. Vanuit daar strijden zij, geweldloos, nog steeds voor een onafhankelijk Tibet.

Wat de status en het toekomstperspectief ook is van Tibet: Ook bij het Tibetaanse volk leeft het voetbal. Dat resulteerde aan het begin van dit millennium in de oprichting van het nationaal voetbalelftal van Tibet. Hoewel men probeert voetbal en politiek daarbij gescheiden te houden, is de scheidingslijn met het politieke aspect van het team natuurlijk zeer dun.

Voetbal in Tibet

Het voetbal in Tibet werd, hoe kan het ook anders, geïntroduceerd door de Britten. Een Brits expeditieleger aan het begin van de twintigste eeuw is voor de regio de eerste kennismaking met de sport. Langzaam maar zeker verspreidde het voetbal zich in de regio, met name door Britse en Indiase soldaten (afkomstig uit de Britse kolonie Brits-Indië) die in de streek aanwezig bleven ter bescherming van de Britse handelsmissie in de regio. Al in 1936 ontstond er onder de noemer Lhasa United al een deels Tibetaans team, dat de strijd durfde aan te gaan met een Engels team ter plekke. De Tibetanen, samen spelend met Nepalezen en Ladakhi’s, hadden echter geen schijn van kans tegen de op soldatenlaarzen voetballende Engelsen.

Ook nadat het Chinese Volksbevrijdingsleger Tibet binnenviel in 1950, bleef het voetbal in de regio zich ontwikkelen. Tibetaanse voetbalteams speelden tegen elkaar, maar ook tegen teams van Chinese militairen. Van een nationaal team was echter geen sprake; dat zou uiteraard ook niet worden getolereerd door de Chinezen.

Voor de Tibetanen in ballingschap stond de ontwikkeling van voetbal logischerwijs niet bovenaan het prioriteitenlijstje. Maar langzaam maar zeker ontwikkelde zich ook bij hen een voetbalcultuur. Het belangrijkste toernooi was daarbij de sinds 1981 georganiseerde Gyalyum Chenmo Memorial Gold Cup. Het is een toernooi ter nagedachtenis aan de moeder van de Dalai Lama.

Tibetaans voetbalelftal

Toch heeft ook Tibet sinds 2003 een nationaal team. De grote initiator van het Tibetaanse voetbalelftal is opvallend genoeg geen Tibetaan, maar een student uit Denemarken. In 1997 bezoekt Michael Nybrandt Tibet, als onderdeel van een tandemtocht die de Deen samen met een vriend onderneemt in de regio.

De tocht voert hen van Lhasa in Tibet naar Kathmandu in Nepal. Nybrandt daarover: “Tijdens die tocht klopten we op een avond aan bij een Tibetaans klooster, om te vragen of we daar konden overnachten. We waren uitgeput, het regende, en we moesten simpelweg ergens stoppen om bij te komen en te slapen. Tot mijn grote verbazing zag ik de volgende dag een paar monniken voetbal spelen op de binnenplaats. Ik raakte met hen in gesprek en bemerkte een liefde voor het spelletje op een plek waar je dat totaal niet verwacht.”

Toeval of niet, Nybrandt krijgt tijdens zijn verblijf in het klooster een droom. Hij droomt dat hij coach wordt van het nationale voetbalelftal van Tibet. De droom blijft ook na zijn terugkeer in Denemarken door zijn hoofd spoken en bij de eindopdracht van zijn studie vallen alle puzzelstukjes opeens op zijn plek. Nybrandt krijgt hiervoor een uitdagende case voorgelegd: Probeer een niet-alledaags, maar realistisch idee tot werkelijkheid te laten komen.

Nybrandt weet wat hem te doen staat. Niet veel later reist hij terug naar de regio. Dit keer is Noord-India zijn doel, waar veel Tibetanen in ballingschap wonen. “Het idee voor een nationaal team werd daar positief ontvangen, maar de Tibetanen vonden het idee ook naïef. Men had het idee dat er geen nationaal team ter wereld was dat tegen hen zou willen spelen, gezien de politieke verhoudingen,” aldus Nybrandt. De Deen is echter vastberaden om zijn idee ten uitvoer te brengen.

De zegen van de Dalai Lama

Ook Kasur Jetsun Pema, de jongere zus van de Dalai Lama, komt het idee van Nybrandt ter ore. Zij geeft namens de Dalai Lama zijn zegen aan het idee. Niet veel later accepteert ze een uitnodiging van de Italiaanse rockband Dinamo Rock om met een Tibetaans elftal in actie te komen voor een goed doel. Zo wordt in juni 1999 een eerste, onofficiële wedstrijd gespeeld met een samengeraapte Tibetaans elftal.

Dalai Lama

Foto: COPA Football

Nybrandt: “Die wedstrijd kreeg weinig aandacht en de publieke belangstelling was nihil. Maar het maakte de Tibetanen wel iets bewuster van het idee voor een nationaal elftal en dat er meer mogelijk was als dat men in eerste instantie dacht. Enige tijd later organiseerden we een selectietoernooi, waar alle Tibetaanse clubs in Noord-India aan mee konden doen. Uit die teams selecteerden we de beste spelers, die zo de eerste, échte selectie zouden vormen van Tibet. Met deze selectie wilden we onze eerste interland gaan spelen. Maar landen aangesloten bij de FIFA waren geen optie. Daardoor kwam Groenland, een autonoom gebied van Denemarken én met een eigen nationale elftal, in beeld als tegenstander.”

Politiek beladen

Nybrandt regelt dat de interland in zijn eigen thuisland Denemarken gespeeld kan worden. “De wedstrijd zou in het stadion van Vanløse IF gespeeld gaan worden, in een buitenwijk van Kopenhagen. Voor de Tibetanen was dat een enorme operatie, met name op het gebied van het verkrijgen van visa. Uiteindelijk vielen er zelfs nog een aantal jongens uit de definitieve selectie af, omdat we hun visa niet in orde kregen. Die jongens waren in tranen. Het was dus nog een hele klus om een volwaardig elftal af te vaardigen.”

Een Deense krant besteedt enkele dagen voorafgaand aan de wedstrijd aandacht aan de interland. “Vervolgens kwam de wedstrijd opeens overal in het nieuws, aldus Nybrandt. “Door al die aandacht werd de wedstrijd opeens erg politiek beladen. Lokale autoriteiten, de Deense voetbalbond en de Chinese autoriteiten: iedereen meende opeens iets te moeten zeggen over de wedstrijd. De Chinese overheid zag de wedstrijd vooral als een politiek statement van Tibet in hun wens naar onafhankelijkheid. Ze dreigden de import van goederen uit Groenland naar China stop te zetten als de wedstrijd doorgang zou vinden en de band met Denemarken stond opeens onder druk. Maar uiteindelijk kon niemand iets doen om de wedstrijd tegen te houden. Gelukkig maar, want wij wilden die politieke inmenging ook helemaal niet.”

De eerste interland van Tibet

Zo blijkt 30 juni 2001 een historische dag voor het nationale elftal van Tibet. 5 á 6000 toeschouwers zijn getuige van een historische wedstrijd voor Tibet. De wedstrijd tegen Groenland gaat met 4-1 verloren, maar dat is niet van belang. Een nieuw hoofdstuk is geschreven, de eerste interland van Tibet is een feit. Duizenden Tibetanen wereldwijd luisteren naar het live-verslag van de wedstrijd op Radio Free Asia.

“We voelen ons verantwoordelijk om aandacht te blijven schenken aan de Tibetaanse zaak”

De Tibetaanse Tenzin speelde ook voor het nationale elftal. In een interview met de BBC in 2013 liet hij weten zijn achternaam niet te willen geven. Hij is bang dat familieleden die nog in Tibet wonen hier last mee krijgen. Hij geeft toe dat het moeilijk is om voor een land uit te komen dat niet erkend wordt: “Ik voel me vereerd en gelukkig dat ik deel uitmaak van het nationaal voetbalelftal van Tibet. Het vergt de nodige uitdagingen in een klimaat waarin de FIFA Tibet niet erkent. Maar tegelijkertijd maakt me het ook trots. We voelen ons verantwoordelijk om aandacht te blijven schenken aan de Tibetaanse zaak.” De scheidingslijn tussen voetbal en politiek is in het geval van Tibet zéér, zéér dun.

In soortgelijke bewoordingen liet ook middenvelder Sonam Topgyal zich uit bij de BBC: “Om het Tibetaanse voetbalshirt te mogen dragen, is speciaal. In 2000 hoorde ik op school van de plannen voor een nationaal Tibetaans voetbalelftal. Vanaf toen droomde ik om daar ook in te mogen spelen. Vanaf het moment dat ik voor het eerst op het veld stond en het Tibetaans volkslied hoorde, wist ik dat we een land bezaten.”

Ondertussen kent de ambitie van Topgyal kent geen grenzen: “Tibet zal ooit vrij zijn, en ik hoop dat ik Tibet dan kan vertegenwoordigen op de Olympische Spelen of op het WK.”

Tibetaans voetbalelftal 2014

Foto: COPA Football

De net-niet training van Foppe de Haan

In de jaren die volgen na de eerster interland, doet het voetbalelftal van Tibet mee aan diverse internationale toernooien in het non-FIFA-circuit. Tegenstanders zijn teams als Gibraltar (toen nog geen lid van de FIFA), Tajikistan, de Krimse Tartaren en Noord-Cyprus. Winnen doet het team nauwelijks en zelfs een doelpunt scoren lukt maar met moeite. Waar mogelijk speelt het team oefenwedstrijden, al dan niet op uitnodiging van Tibetaanse organisaties.

Zo ook in Nederland in 2008, waar amateurclubs VDL-Maassluis, het derde elftal van RKVV Jeka en MVV’27 de tegenstander zijn. Foppe de Haan, op dat moment trainer van Jong Oranje, biedt enthousiast aan om het elftal een gasttraining te geven. Het gebaar van De Haan krijgt veel media-aandacht en omdat het een politiek statement lijkt te worden, haakt hij alsnog af. De Friese trainer moet namelijk die zomer met Jong Oranje deelnemen aan de Olympische Spelen… in het Chinese Peking. Assistent-trainer van SC Heerenveen, Maarten de Jong, neemt vervolgens de honneurs waar, overigens wel onder toeziend oog van De Haan.

WK-debuut

De ConIFA (Confederation of Independent Football Associations) organiseert sinds 2013 internationale toernooien voor haar leden. Deze leden bestaan uit deels/niet-erkende landen, autonome regio’s en staatloze volkeren. Zij wensen daarbij overigens geen politiek standpunt in te nemen. En dat is soms makkelijker gezegd dan gedaan. Want je moet toch stevig in je schoenen staan als je onder meer een lidmaatschap verstrekt aan betwiste regio’s als de Republiek Loehansk en de Republiek Donetsk.

Politieke uitingen zijn dan ook niet wenselijk tijdens hun toernooien. De scheidingslijn tussen voetbal en politiek is bij sommige deelnemende teams echter flinterdun en niet apart van elkaar te zien. Dat is ook het geval bij Tibet. Zij zien het voetbalelftal ook als een manier om aandacht te blijven vragen voor de situatie in Tibet, al zal men dat niet hardop zeggen.

De organisatie van de ConIFA is het voetbalelftal van Tibet in ieder geval gunstig gezind en bedeelt het land een wildcard toe voor de World Football Cup 2018, het WK van de ConIFA dat in Londen zal worden gespeeld. Tibet is volgens Michael Nybrandt een ‘outsider onder de outsiders.’ Een nette manier om te zeggen dat Tibet totaal geen kans maakt.

Voetbalelftal van Tibet 2018

Het voetbalelftal van Tibet komt uiteindelijk in een poule terecht met onder meer wereldkampioen Abchazië en de nummer drie van het vorige WK, Noord-Cyprus. Dat blijkt inderdaad een onmogelijke opgave. Zij zijn respectievelijk met 3-0 en 3-1 te sterk, terwijl Karpato-Roethenië, de latere wereldkampioen, met 5-1 wint. Maar Tibet ziet opnieuw de aandacht van de internationale pers op zich gericht. En hoewel het kampioenschap van de Conifa puur om sport draait, is de politieke situatie daar soms niet los van te zien. En dat weten de Tibetanen zelf ook.

“Het gaat om de vrijheid om te kiezen om te spelen”

Voormalig teammanager Karma Ngodup weet het in een documentaire over het voetbalelftal van Tibet uit 2001 misschien nog het beste te verwoorden: “Het gaat niet om wel of niet voetballen. Het gaat om de vrijheid om te kiezen om te spelen. En de vrijheid om te doen wat je wilt doen als mens.”

Een aangepaste versie van dit artikel verscheen eerder in 2018 in het voetbalmagazine Staantribune, editie 18.